Politiek Den Haag wacht de komende weken met angst en beven af of het Centraal Planbureau (CPB) de groeiprognoses voor de economie naar beneden zal bijstellen. Dit vanwege de toenemende onzekerheid over de economische vooruitzichten, ook voor Nederland.
De dalende beurskoersen in de afgelopen dagen hoeven op zichzelf geen relatie te hebben met de reële economie, maar op de langere termijn kan dit wel het geval zijn.
"Vanwege de onzekerheid over de schuldencrisis in Amerika en Europa reageren de beurzen zeer volatiel. Pas als de koersen op aandelenmarkten structureel naar beneden gaan, ontstaat er een probleem voor de economie. De kredietwaardigheid van bedrijven wordt aangetast, waardoor ze minder kunnen investeren. Het consumentenvertrouwen, voor zover dat er nog is, neemt verder af. De bestedingen slinken", stelt de Tilburgse hoogleraar Sylvester Eijffinger.
Wordt het CPB somberder over de economische groei dan heeft dit gevolgen voor de overheidsfinanciën. Het kabinet zal dan mogelijk bij Prinsjesdag extra bezuinigingen bekend willen maken of de lasten willen verhogen, omdat er volgens de voorspellingen minder geld aan belastingen en premies zal binnenkomen.
Het kabinet gaat voor de komende jaren uit van een gemiddelde economische groei van 1,25 procent. Het CPB schatte de groei dit jaar iets hoger in, 1,75 procent. Valt de groei fors tegen dan moet het kabinet ingrijpen, zo is afgesproken in de coalitie tussen VVD en CDA. Bij 0,1 procent minder economische groei krijgt de overheid ruim een half miljard euro minder binnen.
Het kabinet zit in een ambitieus en pijnlijk programma om 18 miljard euro te bezuinigen (waarvan een derde door lastenverzwaringen). Als daar bovenop nog extra gesneden moet worden, dan is Leiden in last. In de afgelopen maanden kwamen de forse bezuinigingen op onder andere de kinderopvang, defensie en pgb's hard aan in politiek en samenleving.
Het kabinet zal er echter alles aan gelegen zijn om de overheidsfinanciën op orde te houden. Minister De Jager (financiën) waarschuwde dinsdag niet voor niets dat Nederland niet kan blijven doorgaan met garanties afgeven voor steunverlening aan Zuid-Europese landen, omdat dit op de lange duur de kredietwaardigheid van Nederland zelf aantast.
Nederland heeft een goede naam op dit terrein en dat betaalt zich uit in een zeer lage rente op de obligatiemarkt. Minister De Jager (financiën) toonde zich bij de Voorjaarsnota dan ook dik tevreden over de financiën. Het overheidstekort, fors opgelopen door de miljardensteun aan Nederlandse banken, liep sneller terug dan verwacht.
Vorige zomer werd er nog vanuit gegaan dat het tekort vier procent zou zijn. Het planbureau voorspelde in maart dat het 3,7 procent zou worden, en daarmee was Nederland stevig op weg was naar de beoogde 3 procent: het maximale tekort dat het euro-stabiliteitspact nog steeds voorschrijft. Dit kwam grotendeels door de economische groei met extra inkomsten uit belastingen en premies.
Hoogleraar Eijffinger weet niet of extra bezuinigingen dan ook echt nodig zullen zijn. "De economische groei is in de afgelopen jaren in Duitsland en Nederland hoger geweest dan verwacht. Als de groei nu tegenvalt, kun je dat ook zien als een negatieve compensatie van die meevaller. Gemiddeld kun je ongeveer gelijk blijven."
Bron(nen): Trouw
